Verschillende leiders en leden van kerkelijke organisaties zijn gisteren op Wereld Religie Dag bijeengekomen, om samen met wetenschappers een standpunt in te nemen hoe het Surinaamse milieu te redden. De schade aan de natuur door goudwinning werd door meerdere kerkleiders als voorbeeld aangehaald. Zij hebben de milieuvervuiling zelf kunnen aanschouwen tijdens hun bezoeken aan het binnenland.Monseigneur Wim de Bekker en Dominee Loswijk zeggen dat er niets van het binnenland overblijft als de situatie niet verandert. Volgens de monseigneur weet men niet om te gaan met de natuur en vernietigen we het als dieven. Hij nam Haiti als voorbeeld. De aardbeving is volgens hem een ander verhaal, maar de extreme armoede waar dat land onder gebukt gaat is een gevolg van het wegkappen van het bos.

Schriftelijk standpunt
De viering van de 24ste Wereld Religie Dag in Unique werd afgesloten met het opstellen van een verklaring, die zal worden aangeboden aan de minister van Binnenlandse Zaken. De verschillende religieuze organisaties vonden het noodzakelijk hun standpunt omtrent milieuvervuiling schriftelijk vast te leggen. Zeker daar het Rapport van de Club van Rome in 1964, Agenda 21 van 1992 en de recente wereldconferentie in Kopenhagen in 2009, er niet toe hebben bijgedragen dat hun bezorgdheid over milieuvraagstukken is verminderd. Het is volgens de geestelijken tijd dat zij zich nog meer inzetten voor behoud van het natuur. Wijlen Nico Waagmeester, die de afgelopen jaren actief betrokken was bij de activiteiten rond Wereld Religie Dag, schreef in zijn milieukrant in de Ware Tijd veel over aspecten die de religieuze leiders zorgen baart. Dat religie zich met milieu bezighoudt is dus niet nieuw.
Volgens de Bekker weten Surinamers echt wel hoe het hoort. ‘Over de grens weten we ons voorbeeldig te gedragen en aan de regels te houden. In eigen land zouden we gemotiveerd moeten worden dat ook te doen. Beleid zou daarop moeten inspelen.’
Tijdens de bijeenkomst is uitvoerig gediscussieerd. Verschillende deelnemers uit het publiek hebben aangeven dat ze hopen dat het niet voor niets is geweest. Waar ze zich in de toekomst geen zorgen over hoeven te maken, is educatie over petflessen, omdat het Directoraat Jeugdzaken daar vanaf het kleuteronderwijs voorlichting over zal geven.-.




